K. (24)

Terug naar Succesverhalen

Na drie jaar weet ik dat alles goed (kan) komen. Het begon bij mij allemaal toen ik tampons wilde gaan gebruiken. Het lukte mij absoluut niet om een tampon in te brengen. Het leek net of er ‘iets’ voor zat. Na veelvuldige pogingen kreeg ik het gewoon niet voor elkaar. Ik lag soms huilend op bed want ik wilde ook een tampon gebruiken. Net zoals alle andere meisjes uit mijn klas. Vooral in de zomer was dit voor mij heel frustrerend. Ik moest altijd in de gaten houden wanneer ik ongesteld moest worden, want dan kon ik niet mee gaan zwemmen. Natuurlijk slikte ik af en toe de pil door om mijn menstruatie uit te stellen. Maar te vaak doorslikken is ook niet goed. Dus verzon ik vaak een smoes om niet mee te gaan zwemmen. In deze periode had ik een geweldige vriend waar ik nu nog steeds een relatie mee heb. Hij heeft mij dan ook altijd enorm gesteund. Ik was nog vrij jong toen ik een relatie kreeg met hem. In het begin had ik hem nog niks verteld over mijn probleem. Ik wist zelf niet eens wat ik precies had. Ik schaamde me er wel voor, want misschien was ik wel misvormd van onderen en kon er echt niks in mijn vagina. Misschien kon ik wel geen kinderen krijgen! Ik haalde echt allerlei rare dingen in mijn hoofd. Mijn moeder was inmiddels ook op de hoogte van mijn probleem en die heeft mij op een gegeven moment gedwongen om naar de huisarts te gaan en alles te vertellen. Vanaf dat moment is het balletje heel langzaam gaan rollen. De huisarts wilde een inwendig onderzoek doen bij mij maar dat ging absoluut niet. Mijn huisarts was een man, aardig op leeftijd, en ik geloof dat hij ook niet zo goed wist wat hij er mee aan moest. Uiteindelijk ben ik terechtgekomen bij een gynaecoloog. Zij constateerde dat ik vaginistisch ben. Met haar heb ik een uitgebreid gesprek gehad. Naar aanleiding hiervan ben ik fysiotherapie gaan volgen. Het heeft bij mij wel heel lang geduurd voordat ik ook echt naar iemand toe durfde te gaan die mij zou kunnen helpen. Ik wilde het probleem eigenlijk niet erkennen. Ik dacht: ‘het gaat vanzelf wel over’. Maar dat is absoluut niet zo. De eerste keer dat ik naar de fysiotherapeute ging voelde ik al meteen dat ik haar kon vertrouwen. Zij is een fysiotherapeute die gespecialiseerd is in bekkenbodemproblemen. Dit kunnen problemen zijn op het gebied van incontinentie (waarbij je bekkenbodemspier te los is) en problemen op het gebied van vaginisme (te sterk aanspannen van je bekkenbodemspier). De eerste keren hebben we alleen maar gepraat. Zij moest een goed beeld krijgen van mijn probleem en alles wat daar om heen speelde. Het was eigenlijk niet zo belangrijk om te weten waarom ik vaginistisch ben maar het was belangrijker om te weten wat ik er aan kon doen. Natuurlijk ben ik gaan lezen over vaginisme en mijn conclusie was eigenlijk dat iedereen altijd maar denkt dat je vaginistisch wordt door een nare seksuele ervaring. Dit kan zijn: seksueel misbruik, verkrachting. Maar bij mij was dat absoluut niet zo dus ik kon me heel moeilijk vinden in al die verhalen en wetenschappelijke onderzoeken naar vaginisme. Ik vroeg wel aan mijn fysiotherapeute waardoor het nog meer kan komen. Bij mij zou het kunnen komen doordat ik vroeger veel in bed plaste. Mijn moeder werd daar op een gegeven moment erg boos van en vanaf toen was ik bang om in bed te plassen want dan werd mama weer boos. Ik ging mijn spier zo hard aanspannen want ik mocht niet in bed plassen. Dit zou een oorzaak kunnen zijn maar het is nooit wetenschappelijk bewezen. Nog steeds wist/weet niemand van mijn probleem. Alleen mijn ouders, mijn vriend, mijn zusje en de ouders van mijn vriend. Verder durfde/durf ik het aan niemand te vertellen want er rust echt een enorm taboe op dit onderwerp, helaas. Ik volg nu al bijna drie jaar fysiotherapie en inmiddels ben ik officieel ontslagen omdat het supergoed gaat. Mijn fysiotherapeute vertelde mij ook toen ik begon met therapie dat het heel lang zou gaan duren voordat je echt resultaat zou kunnen bemerken. Er is veel geduld en rust voor nodig. Ik ben begonnen met oefeningen om mijn bekkenbodemspier los te kunnen laten. Na ongeveer een jaar ben ik gaan oefenen met een vaginaal elektrode. Dit heeft de vorm van een vibrator maar er zit een snoer aan en er zitten twee elektrodes op. Dit zijn ijzeren plaatjes die kunnen meten hoe sterk je je spier aanspant. Mijn therapeute bracht deze elektrode er in het begin in. En je zult begrijpen dat dit een moeilijk moment was want niemand anders dan ikzelf en mijn vriend kwamen aan mijn vagina. En nu ging een wildvreemde ineens een soort penis in mijn vagina stoppen. Het is dus heel belangrijk dat je een goede vertrouwensband met elkaar opbouwt tijdens de therapie. En dat is bij mij heel goed gelukt. Ik kan inmiddels zelf de elektrode inbrengen. Ik voel heel goed wat mijn spier doet als ik de elektrode inbreng en op een apparaat waar de elektrode op aangesloten is kan ik zien hoe sterk ik mijn spier aanspan. Elke keer als ik naar therapie ga moet ik de elektrode inbrengen en mijn bekkenbodemspier zoveel mogelijk ontspannen. Ik train dus eigenlijk mijn spier van binnen. Alleen kun je dit niet op de sportschool doen. Inmiddels hebben mijn vriend en ik na 4 jaar voor het eerst echt gevreeën. Dit was echt geweldig en ik ben dan ook heel blij dat ik destijds hulp ben gaan zoeken. Ik kan dit echt iedereen aanraden die net als ik vaginistisch is of problemen heeft op het gebied van vrijen. Het is allemaal nog wel heel gevoelig van binnen bij mij. Af en toe doet het nog wel pijn bij het vrijen maar als je een goede relatie hebt komt het echt allemaal goed. Probeer er wel met je vriend, als je die hebt, over te praten. En anders met je moeder, zus of goede vriendin. Je moet het niet opkroppen. Het taboe dat er op rust zal helaas nog wel een tijdje zo blijven. Ik vertelde ook niemand in mijn omgeving dat ik naar fysiotherapie ging en waarvoor. Het was wel in mijn eigen woonplaats en de kans dat ik iemand tegen zou komen die ik ken was vrij groot als ik naar therapie ging. Maar tot op heden is dat nog niet gebeurd en nu hoef ik nooit meer te gaan. Ik weet inmiddels wel dat vaginisme helemaal niet zo erg is en dat je door goede begeleiding en therapie heel ver kunt komen.

Terug naar Succesverhalen